29-05-11

Seals on Heels

Maar vooraleer het over de positie van de vrouw in de maatschappij te hebben toch even passeren langs wat een typische massa-histerie is over een brand in de vrije natuur. De natuur is brandbaar. Dat is geen recent feit. Er is veel voor te zeggen dat het in de essentie ligt van de natuur dat zij brandbaar is. Ze brandde al vooraleer er nog sprake kon zijn van histerie, laat staan van massa-histerie. Nadat ze afbrandde kwam ze weer, altans in de vorm die erin slaagde weer te komen na het afbranden. Dat is de natuur: wat terugkomt ondanks rampspoed.

Dan is er de mens. De mens kan de natuur haar gang niet laten gaan. Want wat afbrandt moet terug opgebouwd worden. Liefst in broze, af te schermen, vormen die slechts overleven door menselijke interventie. Zij die zich tot natuurbeschermers uitroepen beschermen vooral de menselijke macht om de natuur te laten blijven zoals ze zelf willen dat de natuur zou blijven: een vrouw die niet veroudert, een kind dat niet verandert en kortom de bron van het soort heimwee dat het geluk sistematies in het verleden situeert. Een geluk dat voortdurend onder vuur ligt in de laissez faire mentaliteit van een te verafschuwen moderniteit.

Miljarden zou men investeren om de natuur te forceren in een nooit veranderende staat. Al was het maar om niet één cent uit te geven in lijn met de menselijke natuur om vrij, gemakkelijk en snel met elkaar in kontakt te zijn.

Tegennatuurlijk zijn ook de hoge hakken die almaar frekwenter gedragen worden door vrouwen die geen enkele nood hebben toe te geven aan de dwang erop te lopen. De vrouw moet bevrijd worden .. zolang ze maar niet vrij is om haar bedeesde en zorgzame natuur af te gooien. Neen, ze moet vrij zijn om ze te kunnen restaureren in de vormen van aandoenlijke naïviteit die eigen zijn aan een oorspronkelijke staat die afgebrand is door de bosbrand van een ambitie die het tegendeel is van vrouwelijkheid. Vrouwelijkheid die het tegendeel is van vrouwelijkheid.

Ik zie ze graag, de dominante vrouwen die almaar meer tonen dat ze tot alles in staat zijn waartoe ze altijd al in staat waren en die zich goed voelen en zich daar niet voor schamen. Dat is de natuur: onderdrukt worden en dan herrijzen, geleerd uit de omstandigheden, met de beste en de sterkste troeven eerst gespeeld. Wat overleeft kan niet anders dan sterk zijn en wat sterk is mag zich ook sterk voelen. Zonder schaamte, zonder verdediging, met stevige kuiten en de perceptie van ellenlange benen.

Alsof mannen ooit concesssie hebben moeten doen rond het tonen van mannelijkheid.

Alsof jeanetten hun jeanetterigheid nog zouden moeten verbergen om anderen geen aanstoot te geven.

Alsof onverbiddelijkheid eigen is aan mannen die mannen zijn.

De enige vals-mannelijke trek - die al gauw van voorbijgaande aard zal blijken, zelfs al is ze al duizenden jaren dominant omwille van de scheeftrekking van de macht van enkelen over velen - is die van de hipokrisie en van 't machtsmisbruik; van de achterklap en van het liegen; van het konkelfoezen in achterkamertjes en het bedekken van de uitwassen der inteelt die slechts konden overleven door het optrekken van een onnatuurlijke wand tussen de machtige mannen en 99,999 % van de rest van de bevolking (mannen, vrouwen en jeanetten).

 

De commentaren zijn gesloten.